Tanderosie

Tanderosie vormt een steeds grotere bedreiging voor ons gebit. We spreken van tanderosie, wanneer het tandglazuur of het wortelcement opgelost wordt door zuren. Deze zuren zitten in sommige voedselproducten, maar kunnen ook uit de maag komen (bijvoorbeeld door regelmatig overgeven, zoals bij anorexia). Ook medicijnen kunnen tanderosie veroorzaken. Als je niets aan erosie doet, kan het tandglazuur op den duur verdwijnen. Daarna kan ook het tandbeen eronder gaan oplossen.

Tanderosie komt de laatste jaren steeds vaker voor. Dat is onder meer het gevolg van onze veranderde voedingsgewoonten. Zo drinken we meer fris- en sportdranken. Bepaalde zuren uit ons eten en drinken maken het harde tandweefsel tijdelijk zachter. Ons speeksel kan dit neutraliseren. Het natuurlijk evenwicht in de mond herstelt zich dan en het glazuur wordt weer harder. Dit gaat echter niet zo snel. Als je gebit vaak in contact komt met zuren (bijvoorbeeld door veel tussendoortjes) of als je het direct na het eten of drinken poetst, krijgt het glazuur te weinig tijd om te herstellen. Daardoor krijgt tanderosie een kans. Het is dus niet alleen de vraag hoeveel zure producten je eet of drinkt, maar ook hoe vaak je dit doet en hoe lang je deze producten in je mond houdt.

De boosdoeners

  • Fris- en sportdranken: hier wordt vaak appel-, citroen- of fosforzuur (zoals bij cola) toegevoegd. De zure smaak proef je niet door de toegevoegde suiker. Dit geldt ook voor light-producten!
  • Vruchtensappen: ze zijn gezond, maar vaak nog zuurder dan frisdrank.
  • Wijn: de meeste rode en witte wijnen zijn ook zuur.
  • Zuur fruit: bijvoorbeeld citrusvruchten, bramen, bessen, kiwi´s, appels, druiven, mango´s en daarvan afgeleide producten, zoals appelstroop en jam.
  • Alle levensmiddelen die aangezuurd zijn met azijn- of citroenzuur: bijvoorbeeld slasaus en mayonaise.
  • Vitamine C-tabletten waarop je moet zuigen.

Hoe kun je tanderosie voorkomen?

  • Wacht na het eten of drinken tenminste één uur met tandenpoetsen. Dat geeft het tandglazuur de tijd om zich te herstellen. Wel kun je direct na het eten of drinken wat tandpasta met de vinger op tanden en kiezen smeren.
  • Gebruik een tandpasta met fluoride. Fluoride maakt het tandglazuur sterker en vertraagt het oplossen.
  • Poets je gebit voorzichtig (dus niet te hard!), maar wel grondig met een zachte tandenborstel. Maak de ruimtes tussen tanden en kiezen tenminste eenmaal per dag schoon met ragers, tandenstokers of – heel eventueel – flossdraad.
  • Beperk het gebruik van zuur voedsel en zure dranken. Neem in plaats daarvan bijvoorbeeld melk, gewone thee (dus geen vruchten- of kruidenthee) of koffie, zonder suiker natuurlijk.
  • Hou zure producten zo kort mogelijk in uw mond. Drink zure dranken het liefst met een rietje en spoel ze niet rond in je mond. Zuig ook niet op een zuur snoepje of andere zure producten.
  • Beperk het aantal keren dat je eet of drinkt tot maximaal zeven keer per dag: drie maaltijden en maximaal vier tussendoortjes.
  • Eet maximaal tweemaal per dag zuur fruit, als tussendoortje of bij de maaltijd.

Hoe kun je tanderosie herkennen?
Tanderosie is een sluipend proces dat niet gemakkelijk te herkennen is. Meestal merk je het pas op in een vergevorderd stadium. Daarom is voorkomen van het allergrootste belang.

Bij tanderosie worden de tanden dunner. Dunne en doorschijnende tandranden kunnen vervolgens gemakkelijk afbreken. Let daarom op de volgende verschijnselen:

  • De tanden worden gevoeliger voor warm en koud. Bij tanderosie is de oorzaak dat het tandbeen bloot komt te liggen. Maar gevoeligheid voor warm en koud duidt niet altijd op tanderosie. Het kan namelijk ook het gevolg zijn van terugtrekkend tandvlees, bijvoorbeeld door te hard poetsen.
  • De tanden worden plaatselijk transparanter en geler. Bij tanderosie komt dat doordat het glazuur dunner wordt en het onderliggende gele tandbeen er dan doorheen schijnt. Ook kunnen tanden daardoor donkere plekken krijgen. Maar ook hier geldt: niet alle verkleuringen worden door tanderosie veroorzaakt. Andere mogelijke oorzaken zijn: roken, kleurstoffen in voedingsmiddelen zoals koffie, thee en rode wijn, een val of harde klap op de tand, het verouderingsproces van tanden en kiezen of het gebruik van geneesmiddelen op jonge leeftijd.
  • De voortanden worden korter en dunner.
  • Er ontstaat ruimte tussen tanden en kiezen, omdat ze ‘krimpen’.
  • Er ontstaan putjes of uithollingen op de kauwvlakken. In een later stadium kunnen knobbels van kiezen zelfs helemaal verdwijnen.
  • Vullingen gaan boven het tandoppervlak uitsteken (erosie tast vullingen namelijk niet aan).

Wil je online een afspraak maken? Dat kan!

Afspraak maken